Het zoeklandschap verandert sneller dan ooit. Halverwege 2025 bereikte ChatGPT een duizelingwekkende mijlpaal: het verwerken van ongeveer 2,5 miljard prompts per dag. Om dat in perspectief te plaatsen: dat is ongeveer 12% van het zoekvolume dat Google verwerkt voor traditionele zoekopdrachten. In opmerkelijk korte tijd is de chatbot van OpenAI erin geslaagd om al lang bestaande rivalen als Bing te overtreffen en een primaire bestemming te worden voor mensen die op zoek zijn naar informatie.
Er gaapt echter nog steeds een enorme kloof tussen het stellen van een vraag en het daadwerkelijk bezoeken van een website. Hoewel ChatGPT een inhaalslag maakt op het gebied van ‘query’s’, ligt het nog steeds mijlenver achter op het gebied van ‘klikken’.
ChatGPT versus Google: de duizelingwekkende kloof van 190x internetverkeer
De recente analyse van Ahrefs laat een schokkend verschil zien. Google stuurt 190 mensen naar een website voor elke persoon die ChatGPT daar naartoe stuurt. Google ontvangt bijna 40% van al het webverkeer over de hele wereld, maar ChatGPT ontvangt slechts 0,21% daarvan.
Dit laat zien dat we deze platforms op heel verschillende manieren gebruiken. Als je op Google zoekt, wil je meestal een plek vinden waar je naartoe kunt gaan (zoals een winkel), een artikel of een bron. Maar als je ChatGPT een vraag stelt, wil je direct antwoord. Deze “zero-click” realiteit betekent dat de Click-Through Rate (CTR) van ChatGPT ongeveer 96% lager is dan die van Google. De AI vat de wereld voor je samen, maar nodigt je zelden uit de chat te verlaten.
Een steeds groter probleem voor uitgevers
Deze verschuiving naar door AI gegenereerde antwoorden veroorzaakt een storm in de media-industrie. Hoewel ChatGPT wordt bekritiseerd omdat het gebruikers binnen zijn eigen interface houdt, is Google ook niet bepaald de held van het verhaal.
Veel uitgevers hebben onlangs een verkeersdaling tot 40% gemeld als gevolg van Google’s eigen AI-overzichten. Google gebruikt feitelijk het ‘ChatGPT-model’ door AI-samenvattingen bovenaan de zoekresultaten te plaatsen. Zo hoeft de gebruiker niet op de originele bron te klikken om het antwoord te krijgen. Als gevolg hiervan zijn er zelfs antitrustklachten in de EU. Mediabedrijven beweren dat Big Tech de inhoud ‘kannibaliseert’ die deze AI-modellen nodig hebben om te werken.
Wat staat ons te wachten?
Het dilemma voor 2026 is duidelijk: als AI-modellen (zowel van OpenAI als Google) antwoorden blijven bieden zonder verkeer te sturen, kunnen de websites die de originele informatie creëren moeite hebben om te overleven.
ChatGPT heeft bewezen dat het het volume en de nieuwsgierigheid van een wereldwijd publiek aankan. Het heeft echter nog niet bewezen dat het een partner kan zijn voor het open web. Voorlopig pakt Google de kroon van verkeerskoning. Maar naarmate beide platforms steeds meer AI-samenvattingen lezen, wordt de brug tussen makers en lezers steeds kwetsbaarder. De vraag is niet langer alleen maar “Wie heeft de beste AI?” maar eerder: “Zijn er nog websites om samen te vatten?”